De trein zit vol. Een oudere vrouw blijft voor me staan. Ze kan moeilijk staan, zegt ze, en ik ben toch nog jong. Ik sta op. Niet omdat ik het niet erg vind, maar omdat ik geen idee heb wat ik anders moet zeggen.
Wat zij niet ziet: ik ben een paar weken eerder thuisgekomen van de intensive care. Ik zit nog vol met zware pijnstillers en antibiotica. Elke stap kost me moeite die niemand kan zien. Deze treinreis alleen al vraagt meer energie dan de meeste mensen op een hele dag verbruiken.
Ik zeg niets. Ik sta op en kijk naar buiten.
Jong betekent niet automatisch gezond
We doen het allemaal, en het is heel menselijk: iemand zien en meteen een oordeel vormen. Oud is kwetsbaar. Jong is sterk, gezond, vol energie. Maar zo simpel is het leven niet.
Sinds mijn opname hoor ik hoe hardnekkig dat idee is. Jong zijn zou automatisch betekenen: geen klachten, geen pijn en een lichaam dat altijd meewerkt. Alsof ziekte een wachtrij heeft en pas instapt bij een bepaalde leeftijd.
De opmerkingen komen geregeld: “Wacht maar tot je mijn leeftijd hebt, dan weet je pas wat vermoeidheid is.” “Jij hebt nog niet zoveel meegemaakt.” “Geniet er maar van zolang je jong en gezond bent.” “Jij hebt nog je hele leven voor je.”
Allemaal goed bedoeld. Allemaal raak. En nee, ik heb de energie niet om het steeds uit te leggen aan mensen die niet dichtbij staan.

“Je hebt nog niks meegemaakt”
Misschien is de opmerking die me het meest verbaast wel: “Jij hebt nog niks meegemaakt.” Ik hoor hem gelukkig niet vaak, maar toch vaak genoeg om erover na te denken. Wat bedoelen we eigenlijk als we dat zeggen? Dat levenservaring alleen komt met leeftijd? Dat moeilijke ervaringen netjes verdeeld worden over de jaren? Dat je eerst jong bent, dan gezond blijft en pas later met tegenslagen te maken krijgt?
Het leven werkt helaas niet zo. Sommige mensen maken op jonge leeftijd dingen mee die anderen nooit zullen meemaken. Ziekte, verlies, operaties, angst of een opname op de intensive care vragen niet naar je leeftijd voordat ze je leven binnenwandelen. Ik had zelf nooit gedacht dat ik als jongere op een intensive care terecht zou komen. Dat gebeurt toch vooral bij andere mensen?
Als mijn ziekteperiode me iets heeft geleerd, is het dit: aan de buitenkant zie je niets. Niet de nachten dat iemand wakker lag. Niet de angst die iemand voelde. Niet de littekens; fysiek of onzichtbaar.
Die vrouw in de trein zag een jongere die prima kon staan. Ze zag niet iemand die nog vocht om zijn kracht terug te krijgen. Dat kon ze ook niet weten. Maar het zette me wel aan het denken: hoeveel mensen om ons heen dragen een verhaal dat niemand kent? Mensen die herstellen, mensen met chronische klachten of mensen die vechten tegen iets in hun hoofd. Je ziet het meestal niet.
Wees voorzichtig met aannames
Ik kijk sindsdien anders naar de mensen om me heen. Niet omdat ik denk dat iedereen iets verbergt, maar omdat ik weet dat je het gewoonweg niet kunt zien.
- De jongere die blijft zitten in de trein, is misschien herstellende van een operatie.
- De student die er fit uitziet, leeft misschien met een chronische aandoening.
- De collega die vaak moe is, heeft misschien een lange, medische geschiedenis.
- De vrolijkste persoon in de kamer heeft misschien net de zwaarste periode achter de rug.
We weten het gewoon niet.
Daarom probeer ik voorzichtiger te zijn. Met oordelen over leeftijd, over gezondheid, over wat iemand wel of niet aankan. Want soms draagt iemand een verhaal dat onzichtbaar is, en een beetje begrip is misschien wel het mooiste wat we elkaar dan kunnen geven.
Over Eline
Eline studeerde HBO Hotelmanagement en haalde haar Bachelor cum laude, midden in een periode waarin ze vaker in ziekenhuiskamers zat dan ze ooit had kunnen bedenken. Tegen alle verwachtingen in, en misschien ook een beetje tegen haar eigen, vond ze daarna meerdere plekken in het werkende leven. Nu werkt ze als commercieel projectmanager bij een HR-organisatie en is ze ook auteur. Twee banen waarin ze haar enthousiasme, mensenkennis en nuchterheid kwijt kan. Maar wat misschien nog wel belangrijker is: ze werkt op een manier die past bij haar lichaam en haar grenzen. Ze plant slim, verdeelt haar energie zorgvuldig en zegt sneller nee dan vroeger, omdat ze inmiddels weet hoe kostbaar een dag zonder strijd kan zijn. Dingen die vroeger vanzelfsprekend waren, een studie afronden, een baan hebben, meedoen in de wereld, voelen nu als prestaties om écht trots op te zijn. En in haar vrije tijd zit ze graag op de racefiets, vind je haar in de keuken of geniet ze van een wandeling in de natuur of aan zee.

