De wazige beelden als ik net bij kom: Iedereen loopt om me heen, gepiep van apparaten en geknipper van lampen. Ik hoor verpleegkundigen achter mijn bed staan en daar met de apparaten bezig zijn. Ik kan niet goed om me heen kijken want ik kan niet bewegen ik zie alleen maar witte broeken. Ik merk langzaam dat ik vastzit aan ontelbaar veel infuusjes. En dan wordt er verteld dat ik op de intensive care lig…

Kleine wereld

Er hangt een vreemde sfeer op de intensive care. Je bent totaal afgezonderd van de rest van de wereld. Je wereld bestaat uit de kamer waar je in ligt. Alle andere dingen vallen weg. Het is alleen nog maar ik, mijn naasten en de artsen. En dat speelt zich allemaal af in één kamer. In een kamer waar nog maar één doel geldt: beter worden.

Eén keer verwissel ik van kamer en verlaat ik dus de ruimte waarin ik al dagen lig. Ik zie weer wat meer dingen dan alleen maar mijn eigen kamer. Of ik daar blij mee moet zijn weet ik niet. Alle deuren op de IC staan open. Ik probeer niet te kijken, maar natuurlijk zie ik dingen die ik liever niet gezien had. De beelden beangstigden me. Ik zie mensen liggen in een isolatietent. Ik realiseer me dat degenen die erin liggen allemaal mensen zijn. Mensen met hun eigen hobby’s en interesses en dat ze allemaal iemands kind, iemands vriend of vriendin, man of vrouw of iemands vader of moeder zijn. Nu liggen ze hier. Ik realiseer me ook dat buiten mensen rondlopen met zóveel verschillende doelen en wensen, maar iedereen die deze afdeling op komt hetzelfde doel heeft. Of je nou als naaste, als arts, als verpleegkundige of als patiënt hier komt; er is hier op de IC maar één doel voor ons allemaal. En dat voel je; de stille kracht van de intensive care.

Meer dan een patiënt

De meeste verpleegkundigen zijn heel lief voor mij. Even mijn hand vasthouden, even zeggen dat ik het goed doe, even een klein grapje maken. Het zijn kleine dingen, maar het voelt als iets heel groots. Sommige verpleegkundigen vragen iets persoonlijks over mij. Mijn moeder geeft antwoord en ik kan alleen maar knikken. Toch voelen dat soort dingen zo fijn. Een heel klein moment met aandacht voor mij en niet voor mij als patiënt maar voor mij als mens. Een herinnering dat ik nog steeds gewoon Nireen ben. De waarde die dit soort kleine dingen hebben is onbeschrijfelijk.

Een plek om nooit te vergeten

De IC is een vreselijke plek, maar tegelijkertijd een hele bijzondere plek. Een plek waar alles op alles wordt gezet om iemand beter te maken. Waar hoop en angst recht tegenover elkaar komen te staan. Een plek die je dicht bij de dood brengt maar ook een plek die je herinnert aan de waarde van je leven. Waar iemand op z’n allerzwakst is maar sterker dan ooit moet zijn om eruit te komen.  Een plek die mij zoveel verdriet heeft gedaan maar ook een plek die mij de meest waardevolle dingen geleerd heeft. Een plek die ik nooit zal vergeten.

Over Nireen

Nireen studeerde als Fashion Stylist vlak voor ze op de intensive care terecht kwam. Die studie heeft ze niet voortgezet, omdat ze nog niet genoeg hersteld was om een drukke opleiding en een baan samen op te pakken. Ook waren haar normen en waarden veranderd. Ze wist niet meer zeker of ze de opleiding als Fashion stylist nog goed genoeg vond passen bij haarzelf. Ook al vindt ze het nog steeds onwijs leuk om kleding te stylen. Op dit moment werkt ze in een winkel en is ze bezig met therapie om de IC-opname een plekje te geven. Verder probeert ze te genieten van alles wat ze zo lang niet gekund heeft. De dingen die ze het liefste doet zijn stadjes bezoeken, muziek luisteren, foto’s maken, mountainbiken en leuke plannen maken met familie en vrienden. De afgelopen tijd heeft ze gemerkt dat het allerbelangrijkste is om leuke dingen te doen en te genieten. Dan is alles goed. 

Back To Top