Angst en paniek is een onderwerp dat niet zichtbaar is en snel vergeten wordt, maar wat achter gesloten deuren iemands leven totaal op zijn kop kan zetten. Daarom schrijf ik deze blog. Om ook de naasten van voormalig IC-patiënten bewust te maken dat een IC-opname veel meer is dan fysiek revalideren. Als iemand er beter uitziet en fysiek de goede kant op gaat, is het vaak nog niet voorbij. Na mijn IC-opname heb ik een jaar lang dagelijks last gehad van angst, paniekaanvallen en nachtmerries.
Ik herkende mezelf niet meer. Ik was nooit paniekerig, angstig of snel overstuur. Nu leek ik wel iemand anders. Overal kreeg ik het benauwd van. Het was alsof ik de hele dag achtervolgd werd. Ik was super alert en zag overal gevaar. Als ik op de fiets zat, dacht ik dat alle auto’s keihard op mij af kwamen en mij zouden aanrijden. Ik kon niet alleen gelaten worden of ik raakte in paniek. De piepjes van welk apparaat dan ook lieten me denken aan de apparatuur in het ziekenhuis. Als er een ambulance voorbijkwam verstijfde ik en deed ik een klein gebedje voor degene die in de ambulance lag want niemand mocht zich zo voelen als dat ik mij gevoeld heb.
De paniekaanvallen werden zo erg dat ik oxazepam kreeg van de huisarts. Eén pilletje en ik voelde even helemaal niets meer: ‘Geen verdriet of angst, maar ook geen vreugde of geluk’. De oxazepam maakte me vlak en emotieloos. Mensen of kleine dingen die mij normaal gesproken heel blij maakten, deden me niets meer. Iedere keer dat ik weer naar de oxazepam greep, voelde ik me zwak. Alsof ik het opgaf en niet sterk genoeg was om met mijn eigen emoties om te gaan. Ik liet mij nooit gek maken of klein krijgen, toch? Waarom wist ik dan nu geen andere uitweg meer dan het nemen van een kalmerend pilletje. Ik ben toch wel sterker dan dat?
Het zinnetje ‘Nireen stel je niet zo aan’ spookte de hele dag door mijn hoofd. De mensen om me heen liet ik niets of nauwelijks iets merken van hoe het echt met mij ging. Ik mocht niet zeuren of zielig doen van mezelf. Ik wilde niet dat mensen moe van mij werden of mij een aansteller vonden. Ik moest sterk blijven en dankbaar zijn dat ik het overleefd had, maar tegelijkertijd was ik bang dat het verdriet nooit minder zou worden.

Dingen die mij geholpen hebben
Soms maakt het niet uit wat mensen doen of zeggen om je gerust te stellen, omdat de angst laat voelen alsof je lichaam nog steeds in dat ziekenhuisbed ligt; alsof je lichaam niet snapt dat het voorbij is. Toch zal ik beschrijven wat mij geholpen heeft en nog steeds helpt. Al geeft het maar voor heel even wat verlichting en vergeet je heel even je zorgen.
Luister naar muziek waar je altijd blij of rustig van wordt. Neem iedere klank in je op en probeer je volledig te concentreren op de tekst en de instrumenten van het liedje. Je zult zien dat je langzaam rustiger wordt. Iets simpels als op je eigen bed gaan zitten, je handen op je buik of je hart leggen en je rustig concentreren op je eigen ademhaling, kan meer doen dan je denkt. Ik heb er ook veel aan gehad om even naar buiten te gaan om de vogeltjes te horen fluiten en de warme zon op mijn huid te voelen. De natuur heeft iets vredigs waardoor je rustiger wordt. Soms is het fijn om met iemand te kletsen. Misschien vind je het fijn om je hart te luchten en te vertellen hoe het met je gaat en het over je IC-opname te hebben. Maar soms is het ook fijn om over iets te praten wat niets met de IC te maken heeft. Gewoon even praten over iets luchtigs of herinneringen ophalen, zodat je even uit je hoofd komt.
Op de moeilijkste momenten zei ik tegen mezelf: ‘Dit gevoel gaat voorbij, dit gevoel blijft niet voor altijd’. Daar hield ik mij aan vast. Nu kan ik zeggen dat de intense en sterke gevoelens van verdriet en angst later ook de geluksgevoelens intenser en sterker maken. Dat is wat je ervoor terugkrijgt.
Vandaag de dag
Niets is zo frustrerend als een terugval, of dat nou emotioneel of fysiek is. Opnieuw dat zinnetje ‘Nireen, stel je niet zo aan’. De gedachte ‘ben ik er nou nog niet overheen?’ Het achtervolgt me. Alles gaat toch heel goed nu? Waarom blijven de angstgevoelens, steeds als ik denk dat ze minder worden, toch weer naar boven komen? Deze gevoelens putten me totaal uit en tegelijkertijd zorgen ze ervoor dat ik nachten lang wakker lig.
Nog steeds ben ik bang dat mensen me een aansteller zullen vinden, maar als ik kritisch naar mezelf kijk weet ik dat ik het zelf ben die dat denkt. En als ik nog verder kijk, weet ik dat ik dat eigenlijk ook niet zelf ben, maar dat het een stom stemmetje is dat het allemaal nog ingewikkelder probeert te maken. Een stem die ik, als ik gefrustreerd of verdrietig ben, bijna ga geloven. Tegen iedereen bij wie dit soort gedachten ook door het hoofd blijven spoken, wil ik zeggen: Realiseer je dat het maar gedachten zijn. Het zijn geen feiten. Je bent zoveel sterker dan je denkt’.
Over Nireen

Nireen studeerde als Fashion Stylist vlak voor ze op de intensive care terecht kwam. Die studie heeft ze niet voortgezet, omdat ze nog niet genoeg hersteld was om een drukke opleiding en een baan samen op te pakken. Ook waren haar normen en waarden veranderd. Ze wist niet meer zeker of ze de opleiding als Fashion stylist nog goed genoeg vond passen bij haarzelf. Ook al vindt ze het nog steeds onwijs leuk om kleding te stylen. Op dit moment werkt ze in een winkel en is ze bezig met therapie om de IC-opname een plekje te geven. Verder probeert ze te genieten van alles wat ze zo lang niet gekund heeft. De dingen die ze het liefste doet zijn stadjes bezoeken, muziek luisteren, foto’s maken, mountainbiken en leuke plannen maken met familie en vrienden. De afgelopen tijd heeft ze gemerkt dat het allerbelangrijkste is om leuke dingen te doen en te genieten. Dan is alles goed.
