skip to Main Content

Als het gevaar is geweken en er geen intensieve zorg meer nodig is, dan kan de patiënt de intensive-care afdeling verlaten. In sommige ziekenhuizen is overplaatsing naar een high- of medium-care-afdeling mogelijk. De behandeling is hier minder intensief, maar er is wel speciaal geschoold personeel aanwezig en de verpleegtechnische- en bewakingsmogelijkheden zijn groter.

In andere gevallen gaat de patiënt naar een reguliere verpleegafdeling. Welke afdeling dat precies is, is afhankelijk van de oorspronkelijke aanleiding voor de IC-opname. Bij hartklachten is dat bijvoorbeeld de afdeling cardiologie. De zaalartsen en medisch specialisten van die afdeling nemen de behandeling dan verder over. Als een patiënt op de intensive care van een ziekenhuis buiten de eigen regio is opgenomen, wordt hij na ontslag van de intensive care naar het ziekenhuis in de eigen regio overgeplaatst. Het vervoer naar dat ziekenhuis gaat per ambulance.

Voor veel patiënten en naasten is de overgang van de intensive care naar de afdeling groot. Er zijn minder verpleegkundigen, er is geen bewakingsapparatuur en de controles worden nog maar een paar keer per dag gedaan. De patiënt wordt opgenomen in de dagelijkse routine van de verpleegafdeling, waarbij er bij artsen en verpleging vaak geen tijd en aandacht is om stil te staan bij wat de patiënt en naasten tijdens de intensive care hebben meegemaakt.

Vooral voor patiënten die lang op de intensive care hebben gelegen en voor hun naasten kan de overplaatsing naar de verpleegafdeling daardoor een gevoel van onveiligheid en angst geven. Sommige patiënten hebben gevoelens van heimwee naar de veilige en bewaakte intensive-careafdeling. Dit alles is heel normaal. Bespreek dit met de arts en verpleegkundigen zodat u zich ook op de afdeling veilig kunt voelen.

In sommige ziekenhuizen bezoekt een IC-verpleegkundige na overplaatsing de patiënt nogmaals op de nieuwe afdeling: de Consultatief Intensive Care verpleegkundige. Het kan voor de patiënt prettig zijn om gedurende een paar dagen nog contact te hebben met een verpleegkundige die weet van de voorgeschiedenis. Een CIV-verpleegkundige kan ook de collega’s van de reguliere afdeling ondersteunen, bijvoorbeeld bij het beoordelen en aanpakken van eventuele problemen die nog met de IC-behandeling te maken hebben. Dergelijk contact kan bijdragen aan een samenhangende behandeling en een gevoel van veiligheid voor de patiënt.

Back To Top