skip to Main Content

Rechten en plichten

Wanneer een patiënt tijdens de opname op de intensive care zelf niet in staat is om informatie tot zich te nemen en besluiten te nemen over de behandeling, zullen de beschreven rechten en plichten door een vertegenwoordiger van de patiënt worden uitgeoefend. Meestal is dit een naast gezins- of familielid.

Informatie en toestemming

Eén van de belangrijkste patiëntenrechten is het recht op informatie. Patiënten hebben het recht om informatie te ontvangen over hun ziekte, de onderzoeken, de behandeling en de gevolgen en de risico’s van de behandeling. Voor elk onderzoek en voor iedere ingreep is er toestemming nodig van de patiënt. Als de patiënt niet voor zijn eigen belangen kan opkomen, zoals op vaak op de intensive care het geval is, moet de vertegenwoordiger die toestemming geven. Daarom is het zeer belangrijk dat de ontvangen informatie ook begrepen wordt. Wanneer er onduidelijkheden zijn, is het aan te raden altijd om meer uitleg van de behandelend arts te vragen.

Inzagerecht

Patiënten hebben het recht om hun medisch dossier in te zien. Met de behandelend arts kan besproken worden hoe en wanneer dat kan. Er kan ook altijd om een kopie van het eigen dossier gevraagd worden. Daar moet wel een schriftelijk verzoek voor worden ingediend, met een kopie van een geldig identiteitsbewijs, bij het hoofd van de afdeling. De patiënt kan alleen zelf zo’n verzoek indienen, derden zijn hiertoe niet gemachtigd. Houd er rekening mee dat het ziekenhuis de kosten van de kopieën in rekening zal brengen.

Geheimhouding

Om een behandeling zo goed mogelijk te laten verlopen is het van belang dat het ziekenhuis medische gegevens van patiënten registreert. Deze gegevens zijn alleen toegankelijk voor de bij een behandeling betrokken medewerkers; zij hebben allen een geheimhoudingsplicht.

Verstrekking van gegevens aan derden

Het ziekenhuis zal alleen gegevens aan andere personen of instanties verstrekken als dat relevant is. Bijvoorbeeld berichten aan de huisarts of andere behandelaars.

Bijna elk ziekenhuis verstrekt gegevens aan bepaalde instellingen. De gegevens zijn zonder toestemming nooit direct tot patiënten te herleiden en worden gebruikt voor wetenschappelijk onderzoek, statistiek of voor verbeteren van de zorg.

Zo verstrekken alle intensive cares in Nederland gegevens aan Stichting NICE. Dat staat voor Nationale Intensive Care Evaluatie. Stichting NICE verzorgt de continue en complete registratie van alle beschikbare gegevens van alle 80 deelnemende IC afdelingen, met het doel het monitoren en optimaliseren van de kwaliteit van IC zorg.

Ook onderzoekers uit het ziekenhuis zelf kunnen patiëntgegevens gebruiken voor wetenschappelijk onderzoek. Voor onderzoek waarbij de gegevens wel direct tot de patiënt te herleiden zijn, is toestemming van de patiënt verplicht. De behandelaar zal hierover uitleg geven en dit verder met de patiënt of naaste bespreken. Als iemand niet wil dat zijn medische gegevens worden gebruikt, dan is dit kenbaar te maken aan de behandelend arts.

Gebruik van overgebleven lichaamsmateriaal

Als er lichaamsmateriaal (zoals bloed, urine of weefsel) wordt onderzocht, dan kan er materiaal overblijven. Het overgebleven materiaal wordt gecodeerd bewaard en is dus niet direct naar een persoon te herleiden. Dit materiaal kan worden gebruikt voor wetenschappelijk onderzoek. Wie dit niet wil, dient dit aan te geven bij de behandelaar.

Soms is het voor wetenschappelijk onderzoek nodig dat het overgebleven lichaamsmateriaal niet gecodeerd wordt gebruikt. Dat betekent dat het materiaal herleidbaar is tot de patiënt. In zo’n situatie dient er altijd vooraf toestemming door de patiënt te worden gegeven. De behandelaar zal dit met de patiënt bespreken.

Donorverklaring

In 1998 is het Donorregister in werking getreden. Als iemand een donorverklaring heeft ondertekend, staat dat vermeld in dit register, net als diens wensen omtrent orgaan- en weefseldonatie na overlijden. Het donorregister kan door of in opdracht van een arts worden geraadpleegd, maar dat kan alleen in de uren voordat een patiënt komt te overlijden en als de patiënt als donor geregistreerd staat. Als de patiënt niet in het register staat opgenomen en hij een mogelijke donor kan zijn, zal de vraag voor orgaan- of weefseldonatie in de uren voor het te verwachten overlijden aan de familie worden voorgelegd. Het is daarom belangrijk dat de familie op de hoogte is van de mening van de patiënt over het afstaan van organen en/of weefsels.

Als de familie erachter staat, kan donatie troost bieden. Uit alle ellende kan zo toch nog iets goeds voortkomen.

Identificatieplicht

In de zorgverzekeringswet is vastgelegd dat patiënten verplicht zijn zich te identificeren. Daarom vraagt een medewerker bij een bezoek aan het ziekenhuis naar een geldig identiteitsbewijs en zorgverzekeringbewijs. Met het BSN (Burger Service Nummer) worden de noodzakelijke gegevens gekoppeld voor diagnostiek en behandeling aan de juiste persoon. Deze gegevens worden daarnaast gebruikt voor het communiceren met andere zorgverleners en voor het declareren van de ziekenhuiskosten.

Back To Top